Alexej von Jawlensky

lezing (2003) met dia's en muziek door Ivo de Jong

Eerste keer gehouden in Velp, De Sprang,Dr Fabiusstraat: 23 februari 2003 10.30 uur

Het vroege werk van de in Rusland geboren en in 1941 in Duitsland gestorven schilder Alexej von Jawlensky is het meest bekend. Jawlensky heeft naam gemaakt als oprichter en schilder van Blaue Reiter met onder andere Franz Marc, Wasily Kandinsky, Lionel Feininger en Paul Klee. Voor die tijd was hij leerling van de naturalistische schilder Ilya Repin. Die kennen we ook, van de grote expositie in het Groninger museum van afgelopen jaar. Wat hij daarna schilderde, wordt pas de laatste jaren naar waarde geschat. Deze lezing gaat het vooral juist om dat latere werk (1920 - 1940). In deze periode volgde Jawlensky meer zijn eigen weg, geïnspireerd door de eigen wortels, en raakte hij steeds verder van scholen en stromingen verwijderd.

1910, zwarte turban Galka 1917 Mystischer Kopf 1917 Heilandsgesicht - Erwartung 1921 Heilandsgesicht - Entsagung

Zijn latere seriële werk valt vooral te waarderen, wanneer de werken in zijn biografie geplaatst en gewaardeerd worden in de volgorde en context van ontstaan. Overal over de wereld hangen werken van Jawlensky. Maar ze zijn losgehaald uit de context. In Hamburg, twee jaar geleden, was een expositie ingericht die gewijd was aan seriële kunst, beginnend met de beroemde hooischoven van Monet. Seriële kunst komt in zwang sinds de opkomst van de fotografie. De eigen interpretatie van de schilder wordt belangrijker en het artistieke element staat op de voorgrond.

Leitmotiv van seriële kunst: Hetzelfde in verandering, of verandering van hetzelfde - door een andere lichtval of een andere gevoelsinterpretatie. Een mens heeft ook andere gezichten dan die op de pasfoto staan. Bij seriële kunst als die van Jawlensky gaat het om een innerlijk beeld, dat telkens nieuwe verschijningsvormen aanneemt. Jawlensky staat onder invloed van zijn (Russisch) orthodoxe achtergrond; de theosofie (de universele geleerde Steiner is in opkomst); de spirituele ideeën van Kandinsky en de schilder/monnik Eduard Verkade (zoon van de chocoladefabrikant). Naarmate Jawlensky ouder wordt, keert hij terug naar de tijdloze waarde van iconen en het eeuwige geloof van zijn jeugd. Het communiceert met zijn mystieke natuur. Jawlensky's Godbeeld blijkt vrouwelijke trekken te hebben. Jawlensky gelooft in een innerlijk licht en in de alomtegenwoordigheid van het Goddelijke. Bij een schilder als Jawlensky gaat het dan om het spel tussen licht en donker, over hoe kleuren vormen scheppen uit chaos.

1930 Abstrakter Kopf 1921 Schwarzer Buddha 1927 1933 Abstrakter Kopf Inneres Schuaen

Het derde oog (meditatie - gebed - boeddhisme) als hoofd van de engel in het gezicht, spreekt. Later, wanneer Jawlensky's handen gebonden zijn door de artritis; wanneer zijn schilderruimte beperkt is en het licht door slechts een raampje naar binnen komt, herinnert hij zich de Russische iconen. Ook daar komt het licht van achter. Het gezicht van het licht, het ogenvenster: De lijn van de ogen kruist die van de neus. Elke dag schildert Jawlensky hoe het licht via het kruis zijn wereld binnenkomt. Het is de tijd van de Nazi's, de tijd van de ziekte die hem fataal zal worden. Maar al is hij zwaar gehandicapt, in deze periode schildert hij naar eigen zeggen zijn meest spirituele en krachtigste werk.

1931 Sturmendes Ich 1934 Meditation 1935: Mein Geist wird weiterleben 1936 etwas Gottliches mochte ich sagen..

We zullen zien hoe Jawlensky zich vanuit de concrete kunst steeds meer op gezichten richt; hoe hij het kleurgebruik steeds meer symbolische waarde toekent en hoe hij, volgens eigen schrijven daartoe geholpen door zijn handicap, steeds abstracter, eenvoudiger, eigener en diepzinniger wordt. Kunst als noodzaak en troost.

Jawlensky's kunst inspireert om bruggen te bouwen tussen kunst en kerk, tussen mystiek en geloof. Jawlensky zocht universele waarheden: Hoe meer jezelf, des te dichter bij de diepte van anderen, des te nader tot God. Dat dit een 'schone weg' is, moge blijken uit de dia's. We draaien muziek van Arvo Part (mystieke, oosterse, vereenvoudigde muziek), Philip Glass (seriële / minimale muziek met mystieke invloed), Vladimir Martynov, Jan Garbarek en Keith Jarrett.

1936 Mit goldenen Hintergrund 1936 Verhaltene Glut 1936 Errinnerung an einem Sommertag 1937 Blaues Licht

Tenslotte een persoonlijke noot, waarvan ik hoop dat ze, in de geest van Jawlensky, raak is. Overkanten te verbinden door bruggen te bouwen is in deze tijd van groter waarde dan het opzetten van ivoren torens. Ik hunker naar verbanden tussen muziek, kunst en religie, naar een platform tussen kerkelijken en onkerkelijken, naar verstaanbaarheid - om zo de goede krachten te leren bundelen. Ik houd van muziek en kunst, van bijbel en zoekers. De samenhang tussen verschillende mensen en media bestaat in de eigen intuïtie, inspiratie - en in de wil; kortom in geloof, hoop en liefde. Moge het een esthetisch fraaie weg zijn naar een ethisch hoog doel.

Levensbeschrijving van Alexej von Jawlensky 1864 - 1941

1864 Geboren in Torschok (Rusland) als zoon van een legerofficier. Als jongen van 16 bezoekt Jawlensky de internationale kunsttentoonstelling in Moskou en krijgt er een (bijna?) mystieke ervaring bij. Hij voelt zich herkend. In 1899 schrijft Jawlensky zich in aan de kunstacademie van Sint Petersburg. Ontmoeting met Ilya Repin. Wordt diens leerling.

1891 Relatie met Marianne von Werefkin, rijke erfgename en een van Repins speciale leerlingen. Jawlensky's stijl gaat de kant op van de Franse symbolisten en de laat-Duitse romantiek.

1896 - 1899 Samen met Marianne von Werefkin en haar huishoudster Helene Nesnakomoff verhuist Jawlensky naar Schwabing, een voorstad van München. Von Werefkin geeft het schilderen op om haar man te promoten. Brengt Jawlensky in contact met de moderne kunst. Begin van contacten van wat later Blaue Reiter zal worden. Ontmoetingen met Wassily Kandinsky, de andere bekende Rus die eveneens in München is gaan wonen. Reis naar Venetië

1902 Wordt vader van Andreas. Moeder is Helene Nesnakomoff. Ontmoet Lovis Corinth; 1905 Ontmoetingen met Henri Matisse in Parijs. In 1907: Ontmoet de Nederlandse schilder en Benedictijnse monnik Willibrord Verkade. Vriendschap met Kandinsky verdiept zich. Reis naar Murnau met Von Werefkin, Kandinsky en Gabriele Munter, zoon Andreas en Nesnakomoff. Vriendschap met de danser Alexander Sacharoff.

1909 - 1912 Mede-oprichter van de Nieuwe associatie van Munchener kunstenaars. Controversiële tentoonstelling in de Thannhauser Galerie. Ontmoet Cuno Amiet en Rudolf Steiner. Ontmoeting met Franz Marc. Obersdorf: Ontmoet Emil Nolde en Paul Klee.

1914 Moskou, Petersburg, Warschau. Steeds meer relatieproblemen. Eerste Wereldoorlog breekt uit en Jawlensky moet Duitsland verlaten. Verhuizen tot 1921 in St Prex aan het meer van Genève. 1916: ontmoeting met Emmy Scheyer. Ook deze vrouw geeft haar eigen kunstenaarschap op om Jawlensky te promoten. Scheidt in 1921 van Von Werefkin. Verhuist met zoon en Nesnakomoff naar Wiesbaden. Succesvolle tentoonstelling daar. Huwt Nesnakomoff in 1922.

1924 Oprichting van de Blaue Vier: Jawlensky, Feininger, Klee en Kandinsky. Exposeren gevieren in USA en Duitsland. 1927: Ontmoeting Lisa Kummel en Hanna Becker von Rath in Wiesbaden; 1929 Oprichting van vriendenstichting door Hanna Becker von Rath. Jawlensky betrekt een atelier in haar huis. Eerste symptomen van artritis.

1933 De Nazi's verbieden tentoonstellingen van Jawlensky's werk. 1937: Een tiental van zijn werken figureren als waarschuwing in de expositie Entartete kunst in München, 72 werken geconfisceerd. 1938 sterft Von Werefkin (Ascona). Jawlensky raakt volledig verlamd. Schildert zijn laatste werken: Honderden Meditationen op klein formaat.

1941 Alexej von Jawlensky sterft te Wiesbaden. Wordt begraven op het Russisch Orthodox Kerkhof.




1911 Selbstbildnis 1935 Errinnerung an Meinen verlorenen Haende

Gedicht van de Russische dichter Fedor Tyutchev (1830)

Silentium! (vertaling: Elisabeth Konovalova)

Silentium! Silence! Sei Still! Speak not!

Do not open your soul's intimate abode.

What you may feel, what you may dream -

In profundi let it steam.

Safeguard it in your spirit's mine

Let it ascend and then decline,

like silent stars on heaven's dome.

Bathe in their light and watch them roam,

Admire them, splendid or bleak,

But in silence. Do not speak.

How can a heart be braced in words?

Another fathom what is yours?

And understand what you live by?

A thought expressed becomes a lie.

Don't muddy springs, lucid and unique:

Drink from their depth,

but do not speak.


Learn to live within yourself.

Explore a universe That's you.

Behold between your soul's shores

All the mysterious thoughts.

Know: Noise

rips the enigmatic lace,

destroys the magic chorus.

Noon rays will make it weak.

Listen to its song.

But do not speak.


"Een oude monnik gaf zijn leerling de volgende les: "Streef er naar, om de innerlijke kamer van je eigen ziel binnen te gaan. Daar zul je de toegang tot de hemel vinden. Ze zijn een: Je gaat ze via dezelfde deur binnen. De ladder naar de hemel is binnenin jou: Het bestaat in het geheim binnenin jouw hart"

En het is waar: Ons hele leven is slechts een pogen om deze wonderlijke drempel over te gaan. Al onze daden samen vormen een bescheiden klop op deze mysterieuze deur. Al je hoop kun je samenvatten in het verlangen eenmaal, misschien, een stem te vernemen die antwoordt: Kom binnen! Want er staat geschreven: "Klop, en je zult worden open gedaan". Kloppen blijven tot het klopt..

Vladimir Martynov, componist, uit: Come In (1988)

een aantal links:

Duits, over Jawlensky

Nederlands, kunstgeschiedenis

Engels, over Blaue Reiter

Wiesbaden, bij het graf van Jawlensky, 2002